Na vijf wedstrijden in drie dagen, was ik behoorlijk moe. Gelukkig had ik hier ook alle tijd voor, want mijn wedstrijden zaten erop. Dit gold echter niet voor mijn ploeggenootjes.

 

De nacht na de individuele achtervolging had ik met een lach op mijn gezicht geslapen, maar deze verdween al snel toen er iemand om half 8 aan de deur stond. De haren moesten ingevlochten en ik had in mijn euforische bui op donderdag beloofd dat ik dit zou doen. Ik had hier natuurlijk al snel spijt van, want naast deze opgave, had ik niet echt iets bijzonders te doen deze dag. Ik had mezelf een rustdag qua trainen gegund, maar ik wou wel graag op de baan bij de andere wedstrijden kijken. Dit moest nog steeds op de fiets gebeuren, dus de fietskleding werd niet helemaal in de kast gelaten deze dag.

Zaterdag was het een mooie dag om een rondje te ‘touren’, dus dit is ook gebeurd. Van de renners en rensters om ons heen hadden we gehoord dat het leuk was om naar ‘Aguéda’ te fietsen. Dit was ongeveer 17 km bij ons hotel vandaan  en niet zo moeilijk te vinden. Dit was zelfs zo’n leuk ritje, dat we dit zondagmorgen weer gedaan hebben.  Dit moest vroeg, om half 8, gebeuren, want we wilden ook nog op de baan kijken. Daarbij moesten de koffers alweer ingeleverd worden. Deze gingen namelijk de bus in, die zondagmiddag richting Nederland zou vertrekken. Het was dus een drukke laatste dag die laat in de avond afgesloten werd met een cappuccino-karamel en een heerlijke wafel bij een plaatselijke Waffles Shop.

Vanmorgen zijn we teruggevlogen en dit liep gelukkig voorspoediger dan op de heenweg. Het was een prachtige week met mooie wedstrijden en veel gezelligheid!